2000 – Diasporical Thoughts

Gedachten over diaspora gaven aanleiding tot een tentoonstelling in 2000 waar de toenmalige Tacktoren, op het Buda-eiland, als ‘onaangepaste’ ruimte voor beeldende kunst de spil van werd. ‘Liebaert Projects’ had geen eigen ruimte en zwierf nomadisch van locatie naar locatie. Een twintigtal kunstenaars werden uitgenodigd mee na te denken over zulke ‘onaangepaste’ plek en hun werk daar te tonen, ze kozen zelf de plaats in te Tacktoren en de “Paardenstallen” uit. Het was opvallend dat vele kunstenaars de glazen aanbouw aan de vroegere brouwerijtoren, door Stéphane Beel gerealiseerd, als hun locatie kozen om werk te tonen, het gaf hun een aparte inspiratie, weg van de grotere ruimten binnen, die dienst deden als repetitieruimten voor dansers e.a. Maar ook de buitenzijde van de toren en de, nog onaangeroerde paardenstallen, leken huin voorkeur weg te dragen. Bijzonder waren de geweigerde ingrepen (door de stad, de beheerders van het pand): de Muezzin met twee door elkaar schreeuwende vrouwen werd snel stuilgelegd, zogenaamd op vraag van de buren en het lawaai, waar dezelfde uren en tijdstippen van de kerkklokken werd geïmmiteerd. Richard Venlet “zou” een permanent traag draaiende windwijer in groot formaat op het dak van de toren plaatsen, in de glazen liftkoker van vijf verdiepingen kwam er een 30 meter lang canvas waarop beelden van vallende, hangende kichamen waren aangebracht, die je tegenkwam als je de lift nam. Een Frans kunstenaar van Magrebijnse afkomst wou de dakpannen van de paardenstallen, waarop de glazen aanbouw van Beel op uitkeek herleggen in een Noord-Afrikaans patroon met de bestaand rode en zwarte dakpannen. een erg spijtige zaak voor de tentoonstelling, maar weerom werd de ganse site ingenomen door beeldende kunstmet een aparte dynamiek, geïnduceerd door de aspeciefieke locatie, en verrassende resultaten.

Curatoren waren: Veerle Van Durme, Jo Coucke en Gery Van Tendeloo.

Read more.